Snel heb ik vanochtend een douche genomen, mijn vrolijkste zomerjurkje aangedaan en mijn nagels roze gelakt. Gedaan met dat vieze haar waar je nog net geen frietjes in kan bakken, gedaan met die donkere lompen waarin ik niet eens de voordeur durf te openen. Ik heb een pot thee gezet en een paar lekkere koekjes op een schaaltje gelegd. Het raam staat op een kiertje, de zonnestralen piepen binnen en ik hoor de vogeltjes fluiten. Gedaan met het treurige "Ik heb zes weken examens"-gevoel, ik ben klaar voor deze eerste "Studeren zoals ik schrijf"-dag!
Het afgelopen jaar was niet mijn beste jaar ooit, dat is ook aan mijn studieresultaten te zien. Helaas, want ik studeer eindelijk iets waar ik van houd, dus wil ik eigenlijk niets liever dan het goed doen. Het is juist de gedachte dat ik eindelijk op mijn plaats zit, die er echter de voorbije tijd voor gezorgd heeft dat ik in mezelf ben blijven geloven. Ik besefte dat ik eerst mezelf (terug) moest vinden, voordat ik al het andere goed kon doen. Ik heb veel tijd in mezelf gestoken, de dagen dat ik mijn bed niet uitkwam minderden, ik werd hoopvol. Ik kreeg weer energie, weer levenslust, en ondertussen heb ik wat gebeurd is zo goed als mogelijk een plaats gegeven.
Ik voel me beter en beter, sterker nog, ik voel me goed. Het doet me veel deugd dat na al die tijd te kunnen en durven schrijven. Ik ben trots op mezelf, wat een ongelofelijk fijn gevoel. Ik wil meer van dat! Het is tijd voor mijn studie, tijd om te bewijzen wat ik waard ben, tijd om nog trotser op mezelf te kunnen worden.
Afgelopen dinsdag zat ik na een examen met een paar vriendinnen op de trap voor onze universiteit. "Hebben jullie het al gehoord?", giechelde er eentje, "C. heeft niet meegedaan aan het examen, omdat hij wist dat hij toch geen grote onderscheiding zou kunnen halen. Hij doet meteen mee met het herexamen, dan kan hij meer leren..." Ze begonnen allemaal te lachen en grapjes te maken. Ik zweeg, ietwat boos in gedachten verzonken. Moeten we niet allemaal zoals C. het beste van onszelf willen geven?
Het hield me al bezig sinds ik hier een week geleden begon te schrijven. Als ik schrijf, rollen de woorden er niet zo maar mooi uit. Ik denk na tot ik dat ene woord gevonden heb, dat ene woord dat alles omvat. Ik wik en weeg, herlees, schrap, herschrijf, herlees. Het uiteindelijke verhaal is nooit hetzelfde als wat ik in gedachten had toen ik er aan begon, maar toch klopt het elke keer opnieuw. Ik bekeek mezelf nooit als een perfectionistisch persoon, maar ik ontdekte de afgelopen week dat als het op schrijven aankomt, ik toch wel enkele trekjes vertoon die dicht in die buurt komen. Als ik dat nu ook eens voor mijn studie zou voelen, dan kan het toch niet anders dan dat ik beter zal presteren? Ik houd van schrijven, vandaar dat gevoel, vandaar die lichte drang naar perfectie. Ik houd echter ook van mijn studie, dus moet dat gevoel toch ook ergens in mij verstopt zitten?
Vandaag begint mijn zoektocht. Ik wil lezen, herlezen, leren en herhalen. Zo lang tot ik op het einde van de dag trots mijn bed in kan duiken, tot ik mooie resultaten zal halen. Ik ga het vinden, dat weet ik zeker, en ik ga het vasthouden opdat de volgende jaren beter zullen zijn. Ik ga studeren zoals ik schrijf. Duim!
Ik kan me hier echt helemaal in vinden. Ik had C kunnen zijn, ik ben C zelfs doordat ik in mijn tentamenweek maar 3 van de 2 tentamens heb geleerd omdat ik nu de kans heb voor alledrie een mooi cijfer te halen. Het idee van intensief studeren vind ik zo'n romantisch beeld. Maar pas op dat het niet doorslaat naar de angst het harde werken zo nu en dan los te laten he ;-)
BeantwoordenVerwijderenPrachtig. 2e alinea is zo mooi, herken mezelf er wel in. blijf schrijven!
BeantwoordenVerwijderenMoooooi. Ik wil ook studeren zoals ik schrijf, en anders eigenlijk helemaal niet. Succes met je examens. :)
BeantwoordenVerwijderen